Uitspraak in het vizier

Op deze pagina wordt regelmatig een uitspraak geplaatst die van bijzondere waarde is voor de (rechts)praktijk, met name op het gebied van arbeidsomstandigheden en veiligheid. Voor uitspraken uit de dagelijkse praktijk van arbeidsomstandigheden en veiligheid verwijs ik naar de website van de NVVK, Jurisprudentie, Actueel en Archief. Deze site wordt elke maand door mij aangevuld met recente jurisprudentie. Daarnaast wordt in het tijdschrift Arbo Actueel elke veertien dagen de meest actuele rechtspraak op dit gebied opgenomen.

Bloedtest op werk in strijd met persoonlijke integriteit

Een werknemer werkt als touringcarchauffeur en heeft zich succesvol laten behandelen voor een alcoholverslaving. Als hij met zijn werkgever overlegt over werkhervatting stelt die onder meer als voorwaarde, dat werknemer dagelijks voor de aanvang van het werk een blaastest moet doen en dat op regelmatige basis bloedtesten zullen worden afgenomen. De werknemer gaat daar niet mee akkoord. In kort geding stelt de kantonrechter de werknemer in het gelijk. 

Feiten

Een  man werkt sinds maart 2009 als touringcarchauffeur bij een busonderneming. Hij heeft last gehad van een alcoholverslaving en zich hiervoor laten behandelen. Nadat deze behandeling succesvol is afgerond, overleggen werkgever en werknemer over de werkhervatting. De werkgever stelt daarbij onder andere als voorwaarden dat de dat de werknemer moet verklaren dat hij nooit meer zal drinken, dat hij dagelijks voor de aanvang van het werk een blaastest moet doen en dat op regelmatige basis bloedtesten zullen worden afgenomen. Met dat laatste kan de werknemer niet instemmen. Hij vordert in kort geding wedertewerkstelling als touringcarchauffeur en een dwangsom voor elke dag dat dit niet het geval zal zijn. De werkgever vindt dat de vordering moet worden afgewezen. Maar als de vordering wordt toegewezen, moet wel aan de door de werkgever gestelde voorwaarden worden voldaan. 

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter overweegt dat moet worden beoordeeld of de werkgever de voorwaarde mag stellen dat de werknemer zich aan een bloedtest onderwerpt voordat hij weer aan het werk gaat. Omdat deze voorwaarde geen deel uitmaakt van de arbeidsovereenkomst die tussen de partijen is overeengekomen, gaat het hier om een eenzijdige en individuele wijziging van de arbeidsovereenkomst. Deze moet worden getoetst aan de instructiebevoegdheid van de werkgever en het goed werkgeverschap. De door de werkgever geëiste bloedtestvoorwaarden staat opgespannen voet met het recht op persoonlijke integriteit. Weliswaar is sprake van een legitiem doel - de veiligheid van de passagiers - maar dit doel wordt reeds bereikt door het afnemen van een blaastest voorafgaande aan een dienst. De werkgever mag daarom aan de terugkeer van de werknemer naar zijn werk als touringcarchauffeur niet de voorwaarden verbinden dat de werknemer verklaart dat hij nooit meer zal drinken of zich moet onderwerpen aan een bloedtest om alcoholconsumptie tot drie maanden terug inzichtelijk te maken. De vordering van de werknemer wordt toegewezen. 

Aantekening

De vraag die de kantonrechter moest beantwoorden is of de werkgever de voorwaarde mag stellen dat een werknemer zich aan een bloedtest moet onderwerpen voordat hij aan het werk gaat en dat hij moet verklaren nooit meer alcohol te zullen drinken. De rechter doet dit aan de hand van artikel 8 EVRM.

 

In vrijwel alle uitspraken waarin artikel 8 EVRM aan de orde is, wordt uitgegaan van het Hyatt-arrest (HR 14 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA5802). Op dit arrest is veel kritiek geweest. Een van de kritiekpunten was, dat volgens de Hoge Raad een inbreuk op het recht op respect voor het privéleven moet voldoen aan het noodzakelijkheidscriterium, het proportionaliteitscriterium en het subsidiariteits-criterium. Maar inbreuken door private werkgevers moeten ook voldoen aan het voorzien bij wetcriterium. Het EVRM stelt niet al te hoge eisen aan het begrip 'wet' in dit verband, maar om te voldoen aan het criterium 'voorzien bij wet' moet wel worden aangetoond dat het beleid een basis heeft in het nationale recht.

 

De Nederlandse wetgeving geeft geen algemene bepalingen over de inzet van alcohol- en drugstesten. In de meeste gevallen wordt dan teruggegrepen naar artikel 7:660 BW. Het is echter de vraag of alcohol- en drugsbeleid valt onder 'voorschriften welke strekken ter bevordering van de goede orde in de onderneming van de werkgever', zoals artikel 7:660 BW omschrijft. Daarbij komt dat conform dit artikel de voorschriften binnen de grenzen van de algemeen verbindende voorschriften of overeenkomsten moeten zijn gegeven. Met andere woorden, ook bij een beroep op artikel 7:660 BW zal in de meeste gevallen de arbeidsovereenkomst de basis moeten bieden voor het alcohol- en drugsbeleid.

 

In deze zaak gaat de kantonrechter ook in op artikel 7:660 BW. Hij merkt tevens op, dat dat de uitoefening van de gezagsbevoegdheid van de werkgever tot uitdrukking komt in het algemeen geformuleerde artikel 7:611 BW. Ten aanzien van de door de werkgever in deze zaak specifiek gestelde voorwaarden merkt de kantonrechter echter op dat deze verder reiken dan de werktijden en ook verder gaan dan het door de werkgever gestelde bestaande (personeels)beleid aangaande alcoholgebruik. Om die reden stelt de kantonrechter vast dat de gestelde (bloedtest)voorwaarde, als ook de voorwaarde dat de werknemer moet verklaren nooit meer te zullen drinken, op gespannen voet staan met het recht op de persoonlijke integriteit van de werknemer als bedoeld in onder andere artikel 8 EVRM. Vervolgens gaat de kantonrechter dan in op het noodzakelijkheidscriterium, het proportionaliteitscriterium en het subsidiariteits-criterium, en concludeert hij dat de werkgever geen legitiem doel heeft om de inbreuk te rechtvaardigen.

 

De toets voor alcohol- en drugscontrole is streng. Maar er zullen zeker werkgevers zijn die een gerechtvaardigd belang hebben bij het afnemen van dergelijke testen. Van belang is, dat deze werkgevers voorafgaand aan het afnemen van de tests een duidelijk beleid opstellen waarin voldoende waarborgen zijn opgenomen om de persoonlijke levenssfeer van de werknemers te beschermen. Ook moet in de arbeidsovereenkomst expliciet worden overeengekomen dat de werkgever de bevoegdheid heeft dergelijke testen af te nemen. Verder zouden de tests moeten worden afgenomen door iemand die buiten de directe gezagsverhouding van de werknemer staat en die uit hoofde van zijn functie een geheimhoudingsplicht kent, bijvoorbeeld de bedrijfsarts. De test moeten met zoveel mogelijk waarborgen omkleed worden. Daarbij kan het uitgangspunt zijn, dat eerst voor de minst vergaande test, zoals een blaastest, wordt gekozen. Het doel van het beleid moet kenbaar te zijn, waarbij duidelijk moet worden afgebakend in welke gevallen alcohol- en drugstests mogen worden afgenomen. Hierbij moet onderscheid worden gemaakt tussen het steekproefsgewijs testen op alcohol- en drugsgebruik en het afnemen van een alcohol- of drugstest in geval van een concrete verdenking. Ten slotte moet de ondernemingsraad schriftelijk met het beleid instemmen. (Naar de noot van mr. I.J. de Laat)

Tot slot

Soms kan het in het belang van het bedrijf noodzakelijk zijn, dat alcohol en/of drugtetst worden afgenomen. Voorafgaand daaraan moet een duidelijk beleid worden opgesteld waarin voldoende waarborgen zijn opgenomen om de persoonlijke levenssfeer van de werknemers te beschermen. De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht met betrekking tot dit beleid.

Wettelijk kader
Artikel 7:611 en 7:660 Burgerlijk Wetboek
Artikel 8 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens

Voorzieningenrechter Kantonrechter Roermond, 23 december 2015, JAR 2016, 84

Uitspraken Historie

Bron / Datum
Vindplaats
Onderwerp
Rb Den Bosch, 24 mrt 2016 ECLI:NL:RBOBR:2016:912 Gevallen van rijdende aanhanger
Rb Overijssel, 01 feb 2016 ECLI:NL:RBOVE:2016:384 Asbestzaak en feitelijk leiding geven
Hof Arnhem, 26 aug 2014 ECLI:NL:GHARL:2014:6672 Hoofdaannemer én onderaannemer aansprakelijk voor ongeval uitzendkracht
Ktr Arnhem ECLI:NL:RBGEL:2015:5786 Ongeval in rijdende ambulance
Rb Zeeland-West-Brabant,
20 apr 2015 en 13 mei 2015
ECLI:NL:RBZWB:2015:2952
ECLI:NL:RBZWB:2015:3493
Veiligheidszorgsysteem: VCA* of gelijkwaardig?
Rb Rotterdam, 17 juni 2015 ECLI:NL:RBROT:2015:5641 Scheepswerf niet aansprakelijk voor brand partyschip
Rb Breda, 6 nov 2014 ECLI:NL:RBZWB:2014:7762 Matiging boete wegens schending evenredigheidsbeginsel
Hof Den Bosch, 31 maart 2015 ECLI:NL:GHSHE:2015:1104 Geen antislipzolen in zwembad
Hof Arnhem, 11 feb 2014 ECLI:NL:GHARL:2014:956 Gevallen over stofzuigerslang
HR 5 december 2014 ECLI:NL:HR:2014:3519 Teen kwijt bij lossen vracht.
Rb Den Haag, 20 mei 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:1661 Werkgever niet aansprakelijk voor val over gemorste koffieglijpartij op gedweilde vloer.
Ktr Amersfoort, 25 juni 2014 ECLI:NL:RBMNE:2014:4759 Glijpartij op gedweilde vloer.
RvS, 15 okt 2014 ECLI:NL:RVS:2014:3713 V&G plan ontslaat uitvoerder niet van eigen verantwoordelijkheid.
Rb Den Haag, 16 mei 2014 ECLI:NL:RBDHA:2014:6050 Gevangenisstraf voor fraudeur VCA-certificaten.
Ktr Tilburg, 18 aug 2014 ECLI:NL:RBZWB:2014:5966 Gevallen valkenier
Hof Den Haag, 5 aug 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:2519;
JAR 2014/226
Inlenend bedrijf zelf aansprakelijk voor schade.
Hof Den Bosch, 3 juni 2014 ECLI:NL:GHSHE:2014:1634 Stommiteit is nog geen bewuste roekloosheid!
Hof Den Haag, 25 febr 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:1524 Uitsluiting aansprakelijkheid door terreinborden? 
RvS, 08 jan 2014 ECLI:NL:RVS:2014:2 Zaagmachine onvoldoende afgeschermd.
Rb Rotterdam, 29 sept 2013 ECLI:NL:RBROT:2013:5867 Niet waarschuwen maar opruimen! 
Hof Den Bosch, 10 sept 2013 ECLI:NL:GHSHE:2013:4196 Kind valt van Container.
Rb Den Haag, 03 mei 2013 ECLI:NL:RBDHA:2013:CA3806 Inspraak stoffenbeoordeling REACH. 
RvS, Bestuursr. 13 maart 2013 LJN: BZ4006 Werkgever blijft zelf verantwoordelijk voor de veiligheid
RvS, 30 jan 2013 LJN: BY9911 Lijn van valgordel ondeugdelijk bevestigd
Rb Breda, 21 dec 2012 LJN: BY7000 Veroordeling directeur Chemie-Pack
HR, 23-03-2012 LJN: BV0616:JAR 2012, 110
RvdW 2012, 447
Opdrachtgever aansprakelijk voor ongeval zzp-er
Rb Den Haag, 16 mei 2012 LJN: BW7278

Wegschietende spijker.

HR, 22 juni 2012 LJN BW0393

Einduitspraak in zaak NEN-normen

Rb Rotterdam, 19 jan 2012 Arboprof Ongeval door val van ladder
Rb Den Bosch, 22 dec 2011 LJN: BV0172 Buurtvereniging ten onrechte beboet voor ongeval vrijwilliger
Hof Den Bosch, 12 juli 2011

Prg 2011, 214;LJN BR1513;

JAR 2011, 243

Onveilige transportband
Hof Amsterdam, 29 maart 2011

JAR 2011, 148:LJN: BQ2718

Manege aansprakelijk voor letsel vrijwilligster
Rb Utrecht, 18 oktober 2010 LJN: BO1022 Coördinatie op bouwplaats onvoldoende
Rb Middelburg, 29 sept 2010 LJN: BO0460 Chauffeur vorkheftruck niet schuldig aan ongeval
RvS, 30 juni 2010 LJN BM9661 Boete onterecht aan werkgever opgelegd
Ktr Sittard-Geleen, 12 mei 2010 LJN BM7053 Veiligheidsregels hebben de hoogste prioriteit
Rb Utrecht, 25 april 2010 LJN BN2963 Opdrachtgever aansprakelijk voor ongeval
RvS,17 feb 2010 LJN BL4120 Werkgever beboet voor gebruik onveilig arbeidsmiddel
Rb Middelburg, 30 sept 2009 LJN BK0742 Fatale val van heftruck 
Ktr Deventer, 14 juli 2009 LJN BJ6959 Ontslag wegens negeren (werk)instructies
Hof Leeuwarden, 03 febr 2009 JAR 2009, 74 Ladder moet veilig zijn
Rb Leeuwarden, 02 okt 2008 LJN BF5065 Boete ondanks CE-markering
Rb Zwolle, 17 sept 2008 LJN BF0802 Hulpverlening onder de maat
Hof Leeuwarden, 14 mei 2008 LJN BD2312 Zorgplicht is meer dan naleven wettelijk voorschrift
Hof Leeuwarden, 10 okt 2007 LJN BB5470 Hof vindt 23 kilo zwaar genoeg
Kant.recht. Utrecht, 06 dec 2007 LJN BC0253 Veiligheidsvoorschriften gelden ook bij haastwerk
Rb Groningen, 25 okt 2007 LJN BB6505
LJN BB6506

Boetes wegens explosie bij onderhoudswerk

HR, 17 april 2007 LJN AZ6717

Werkgever aansprakelijk voor rugletsel

Rb Amsterdam, 30 mei 2007 LJN BA6285 Hoge boete wegens elektrocutie
Ktr Rotterdam, 05 dec 2006 LJN AZ4533

Bedrijf moet zich aan de eigen regels houden

HR, 31 maart 2006 LJN AU6092

Hoge Raad komt tot gedeelde aansprakelijkheid in asbestzaak.

Hof Arnhem, 27 juni 2006 JAR 2006, 209

Minder salaris na sportblessures

Rb Alkmaar, 12 juli 2006 LJN AY3785 Een wespennest
Rb Breda, 24 mei 2006

LJN: AX4375; AX4430

LJN: AX4365; AX4435

Veroordelingen in strafzaak rond steigerongeval Amercentrale
Hof Den Haag, 03 febr 2006 LJN AV4680 Ontslag wegens agressie op de werkvloer
RvS, 01 febr 2006 LJN AV0978 Voldoende BHV-ers moeten binnen twee minuten inzetbaar zijn
HR, 20 jan 2006 LJN AT6013 Werkgever aansprakelijkheid voor ongeval met gehuurde cementpomp

Rb Haarlem, 30 nov 2005

LJN AU7346 Boete voor gemeente na fatale brand mag van rechter
HR, 25 nov 2005 LJN AT8782

Nader onderzoek nodig voor antwoord op verjaring asbestzaak

HR, 11 nov 2005  JAR 2005, 287 Waarschuwing voor gevaar machine niet voldoende