Ongeval in rijdende ambulance

Eind februari 2010 verpleegt een ambulanceverpleegkundige een patiŽnt in een rijdende ambulance. Tijdens de rit heeft zij de inhoud van een glazen ampul met medicijnen aan die patiŽnt toegediend. Dit doet zij zittend in een stoel naast de liggende patiŽnt. Om het medicijn goed te kunnen toedienen, moet de glazen ampul (af)gebroken worden. Na toediening wil zij de lege, gebroken ampul in de daarvoor bestemde naaldencontainer deponeren. Die is vanaf haar stoel niet bereikbaar. Zij staat op om naar die container te stappen. Als zij, staande in de ambulance, probeert de naaldencontainer te openen drukt zij Ė door een beweging van de rijdende ambulance Ė in een reflex haar rechterhand in de gebroken ampul waardoor er glas in haar duim is terechtgekomen.

De Feiten

Een ambulanceverpleegkundige werkt bij de Veiligheids-en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM). Zij verpleegt op 27 februari 2012 een patiŽnt in de rijdende ambulance en moet de inhoud van een glazen ampul met medicijnen toedienen. Dat gebeurt zittend in een stoel naast de liggende patiŽnt. De glazen ampul wordt afgebroken en na toediening moet de gebroken lege ampul in een naaldencontainer worden gedeponeerd. Die is vanaf haar stoel niet bereikbaar. Zij staat ook op om naar de container te gaan. Als zij, staande in de ambulance, probeert de container te openen drukt zij Ė door een beweging van de rijdende ambulance - in een reflex - met haar hand in de gebroken ampul waardoor glas in haar hand komt. Zij wordt daar later aan geopereerd. Zij stelt haar werkgever aansprakelijk voor de schade. Werkgever en verzekeraar wijzen dit af omdat de inrichting van de ambulance voldeed aan de daaraan te stellen eisen. 

Oordeel kantonrechter

De rechter stelt vast dat de verpleegkundige in de uitoefening van haar werkzaamheden schade heeft geleden. De werkgever is op grond van art. 7:658 lid 2 BW aansprakelijk voor de schade tenzij hij zijn zorgplicht is nagekomen. De schade is niet het gevolg van opzet of bewuste roekeloosheid van de verpleegkundige. VGGM moet stellen en zo nodig bewijzen, dat al die maatregelen zijn genomen en aanwijzingen gegeven die redelijkerwijs nodig waren om de schade te voorkomen. Dat zal niet snel het geval zijn, gezien de ruime strekking van de zorgplicht. VGGM heeft zelf de inrichting van deze ambulance bepaald. Vanaf de stoel kan de ambulancemedewerker geen van de in de wagen aanwezige materialen bereiken omdat de afstand tot de kasten te groot is. Ambulancemedewerkers moeten soms, terwijl de ambulance rijdt, medicijnen toedienen en daarbij glazen ampullen (met medicijn) gebruiken. Het ongeval was niet gebeurd als de verpleegkundige bij het Ďweggooiení van de gebruikte ampul in haar stoel was/kon blijven zitten. In de Ďoudeí Chevrolet-ambulance konden gebruikte ampullen in een afvalbak worden gedaan die was bevestigd aan de stoel. Na ingebruikname van de Mercedes in 2005 hebben enkele medewerkers opmerkingen gemaakt over de onbereikbaarheid van de afvalbak. Sommigen hebben zelfs een losse afvalbak naast de stoel gezet. Dit is door VGGM om veiligheidsredenen verboden. Dat de inrichting van de Mercedes-ambulance aan de NEN-normen voldoet, is niet van belang omdat deze normen niets zeggen over de plaats van de afvalbak/container voor gebruikte ampullen. In de nieuwe ambulance zijn wel voorzieningen voor gebroken ampullen. Daarmee was de ambulance in kwestie onveilig. Na discussie over de hoogte van de vergoeding verklaart de kantonrechter VGGM aansprakelijk voor de schade. 

Aantekening

Het gaat hier om een zogenaamde deelgeschilprocedure. Een dergelijke procedure is bedoeld voor dŪe situatie waarin partijen in het buitengerechtelijke onderhandelingstraject (dus buiten de rechter om) stuiten op geschilpunten die de afwikkeling van hun zaak belemmeren. Bijvoorbeeld als er een onderdeel van het geschil is waar partijen niet met elkaar uitkomen. De rechter kan dan worden gevraagd om in een deelgeschil zich uit te laten over dit geschilpunt. Partijen kunnen na de beslissing van de rechter over dit (deel)geschilpunt de buitengerechtelijke onderhandelingen voortzetten om uiteindelijk tot volledige overeenstemming te komen. Een deelgeschil is alleen mogelijk als het gaat om schade door letsel of overlijden en de beŽindiging van dat geschil kan bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst.

 

Die is geregeld in de artikelen 1019w Ė 1019bb in het wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Deze regeling heeft tot doel om te bevorderen dat partijen er samen uitkomen, waardoor zij de gang naar de bodemrechter niet hoeven te maken. Voor partijen is deze procedure ook een extra mogelijkheid om snel duidelijkheid te krijgen over hun positie. Een deelgeschilprocedure heeft veel voordelen voor het slachtoffer. Daarbij speelt zeker mee dat de procedure voorziet in een volledige vergoeding van de gemaakte kosten. Een winstpunt blijkt ook te zijn dat een zaak niet volledig escaleert en het knelpunt/struikelblok snel kan worden opgelost. De bodemzaken kunnen dan worden benut voor ingewikkelde aansprakelijkheidskwesties die met een enkele beslissing in een deelgeschil niet kunnen worden opgelost. 

 

Vanwege de aard van het werk van ambulancemedewerkers mogen hoge eisen aan de veiligheid van de werkomgeving (ambulance) worden gesteld. Ambulancemedewerkers moeten immers in een rijdende auto werken met scherpe materialen zoals naalden en andere scherpe voorwerpen zoals een gebroken ampul.

Wettelijk kader

Artikel 7:658 en 7:954 Burgerlijk Wetboek
Artikel 220, 1019w en 1019x Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Kantonrechter Arnhem, 31 augustus 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:5786