Ontslag wegens negeren (werk)instructies.

Een werknemer krijgt, over een aantal jaren verspreid, diverse waarschuwingen wegens het herhaald niet opvolgen van verschillende bedrijfsregels. Het gaat dan zowel om instructies voor veilig werken maar ook het negeren van huisregels en werkinstructies. Op een bepaald moment is voor de werkgever de maat vol en hij vraagt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De rechter kent het verzoek toe omdat hij het alleszins redelijk acht dat de werkgever zijn geloof in het adequaat functioneren van de werknemer heeft verloren.

De feiten

Een werknemer werkt als senior rotatiegieter bij een bedrijf dat kunststof containers maakt. Hij wordt in januari 2002 schriftelijk gewaarschuwd omdat hij herhaaldelijk te laat op het werk verschijnt. In juli 2002 volgt weer een waarschuwing, nu wegens het overtreden van de veiligheidsvoorschriften. Hij had een doorslijpmachine niet volgens voorschrift gebruikt en daarbij bovendien zijn veiligheidsbril niet gedragen. In maart 2005 volgt een waarschuwing omdat hij afspraken over zijn (bijzonder) verlof niet na is gekomen. In januari 2006 wordt hij gewaarschuwd omdat hij bij de ploegoverdracht met een collega in het Turks ruzie heeft gemaakt en een ander heeft vastgepakt. In november 2006 volgt een waarschuwing wegens agressief gedrag tegen een leidinggevende en het niet opruimen van rommel op de werkplek. In deze brief laat de werkgever weten, dat bij een volgende overtreding de arbeidsrelatie zal worden beŽindigd. In januari 2008 houdt de werknemer zich niet aan de interne procedure bij misproducties en er volgt opnieuw een officiŽle waarschuwing. In februari 2009 volgt de zevende officiŽle waarschuwing omdat een matrijs te laat is ingebouwd. In mei 2009 gaat het weer mis en door de nalatigheid van de werknemer ontstaat productieverlies. De maat is nu echt vol en de werkgever vraagt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De werknemer verzet zich maar wil, als het verzoek wordt toegekend, een ontslagvergoeding van 60.000 Euro.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter moet antwoord geven op de vraag of er sprake is van een dringende reden om de arbeidsovereenkomst op korte termijn te beŽindigen. (art. 7:677 BW). Duidelijk is uit de vele stukken dat het vertrouwen in de werknemer en diens functioneren de laatste jaren in toenemende mate onder druk is komen te staan. De werknemer is ook herhaaldelijk op zijn functioneren aangesproken. De rechter beschouwt de door de werkgever aangeleverde stukken als juist, zeker nu de twee laatste waarschuwingen voorzien waren van de handtekening van de werknemer. In februari 2009 was ook voor de werknemer duidelijk, dat hij een laatste kans kreeg. Hij had zich al eerder niet aan (werk)instructies gehouden met productieverlies als gevolg. Daarom mocht de werkgever de foute handeling van mei 2009 wel degelijk zwaar aanrekenen. Het gaat om een ernstig verzuim, gebaseerd op vier concreet aangegeven schendingen van de werkinstructies. Daardoor is productieverlies opgetreden. Hij had onder meer de instellingen van de machine niet gecontroleerd. Daar was hij als senior machinevoerder verantwoordelijk voor. Het betrof een eenvoudige handeling die weinig tijd kost. Hij is daarmee - opnieuw - op ernstige wijze onvoldoende zorgvuldig omgesprongen met de geldende werkinstructies en daarmee de (kwaliteits- en veiligheids)belangen van de werkgever. Die heeft hem steeds weer gewezen op de noodzaak daarvan. Daarom acht de kantonrechter het alleszins redelijk dat de werkgever zijn geloof in het adequaat functioneren van de werknemer heeft verloren. Een zinvolle voortzetting van de arbeidsovereenkomst lijkt daarmee niet meer reŽel mogelijk. De kantonrechter ontbindt daarom de arbeidsovereenkomst met ingang van 1 augustus 2009, zonder toekenning van een vergoeding.

Aantekening

De werknemer is door zijn werkgever herhaaldelijk op zijn functioneren aangesproken, zeker ten aanzien van het zich houden aan de werkinstructies en -procedures en zijn tekortschietende communicatie met anderen. Dat blijkt onder meer uit de veelheid van overgelegde bescheiden die de werkgever ter zitting heeft ingebracht. Maar daaruit leidt de rechter ook af, dat het vertrouwen van werkgever in de werknemer en zijn functioneren in de loop der jaren in toenemende mate onder druk is komen te staan.

Opgemerkt mag worden, dat de werkgever in deze zaak wel een heel lange adem heeft. Hij had alle feiten wel goed gedocumenteerd en kon daardoor de rechter overtuigen dat het zo niet langer meer ging!

Van de werknemer mag worden verwacht dat hij zich, als goed werknemer, ook houdt aan de (veiligheids)voorschriften die nodig zijn om het werkproces in goede banen te leiden. Omdat in deze zaak de oorzaak van de ontbinding van de arbeidsovereenkomst in grote mate te wijten is aan de werknemer is krijgt hij geen enkele ontbindingsvergoeding toegekend. Van de werkgever wordt verwacht, dat hij duidelijke regels stelt, die ook kenbaar maakt en toeziet op de handhaving. Van de werknemer mag worden verwacht, dat hij zich oom houdt aan die regels. Het veelvuldig overtreden van de regels kan een reden zijn van ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

(Kantonrechter Deventer, 14 juli 2009; LJN BJ6959)

Artikel 7:677 Burgerlijk Wetboek