Uitspraak in het vizier

Op deze pagina wordt regelmatig een uitspraak geplaatst die van bijzondere waarde is voor de (rechts)praktijk, met name op het gebied van arbeidsomstandigheden en veiligheid. Voor uitspraken uit de dagelijkse praktijk van arbeidsomstandigheden en veiligheid verwijs ik naar de website van de NVVK, Jurisprudentie, Actueel en Archief. Deze site wordt elke maand door mij aangevuld met recente jurisprudentie. Daarnaast wordt in het tijdschrift Arbo Actueel elke veertien dagen de meest actuele rechtspraak op dit gebied opgenomen.

Onvoorzichtigheid is nog geen bewuste roekeloosheid

Tijdens het monteren van een machineonderdeel glijdt dit onderdeel, hangend in een strop aan de lepels van een heftruck, van de lepels en valt op de benen van een werknemer waardoor zijn beide benen breken. Er volgt – na correctie – een boete van € 13.500 wegens overtreding van art. 7.5 Arbobesluit. Na vergeefs bezwaar tekent de werkgever beroep aan. De rechtbank ziet geen grond voor het oordeel, dat het slachtoffer zelf verantwoordelijk is voor zijn ongeval. Ook ziet de rechtbank geen gronden voor algehele matiging van de boete.

Feiten

Op maandagmiddag 12 september 2016 vindt een arbeidsongeval plaats in de werkplaats van een bedrijf met 40 werknemers. Tijdens het monteren van een rollenblok, onderdeel van een hakselhuis, glijdt het rollenblok, hangend in een strop aan de lepels van een heftruck, van de lepels en valt op de benen van een werknemer. Met twee gebroken benen wordt hij in het ziekenhuis opgenomen. Volgens de Inspectie SZW is sprake van overtreding van Artikel 7.5, vijfde lid, van het Arbobesluit: montage en demontage van een arbeidsmiddel moet op veilige wijze plaatsvinden, met inachtneming van de eventuele aanwijzingen van de fabrikant. Er wordt op 3 februari 2017 een boete opgelegd van € 13.500. Het bedrag is gecorrigeerd op het aantal werknemers en met 25% gematigd omdat de noodzakelijke randvoorwaarden waren gecreëerd voor het toepassen van een veilige werkwijze. Bezwaar van de werkgever is vergeefs en hij gaat in beroep bij de rechtbank.

Oordeel rechtbank

De rechtbank overweegt op 13 februari 2019 dat de Beleidsregel boeteoplegging Arbeidsomstandighedenwetgeving vier inspanningen geeft die kunnen leiden tot matiging van een boete. De werkgever moet aannemelijk maken dat die inspanningen zijn gedaan. Zij zijn alleen relevant als ze zijn toegespitst op het voorkomen van de overtreding in het concrete geval. Er was een lepel met hijshaak (een zogenoemde jip) aanwezig waarmee het werk veilig had kunnen worden gedaan. Daarmee was de randvoorwaarde gecreëerd om het werk veilig uit te kunnen voeren (art. 1, elfde lid onder a en c van de Beleidsregel). De werkgever wil de boete naar nul omdat het slachtoffer bewust roekeloos heeft gehandeld. Het slachtoffer heeft (veel) later schriftelijk verklaard, dat zijn werkwijze niet zo handig was. Dat ziet de rechtbank als inzicht achteraf, dat hij onvoorzichtig is geweest. Maar dat is nog geen bewuste roekeloosheid. Er was een RI&E, maar daarin stond niet het risico van vervoer van een last met hijsband aan een kale lepel van de heftruck zonder gebruikmaking van een jip. Daarmee was het risico dat resulteerde in het ongeval niet geïnventariseerd. Dat de werknemer later heeft verklaard, dat hij instructie had gekregen maakt nog niet aannemelijk is, dat die is gegeven. Er staat in zijn verklaring niets over gebruik van de jip. Ook een collega die aanwezig was bij het ongeval heeft niet ingegrepen, mogelijk omdat ook hij de instructie niet kende. De werkgever heeft dan ook niet aangetoond dat er voldoende instructie was gegeven. Een verdere matiging is daarom niet aan de orde. Wel is sprake van overschrijding van de redelijke termijn met bijna 1,5 maand bij het nemen van een beslissing op het bezwaarschrift. De boete wordt daarom met € 675 verminderd.

Aantekening

Termijnen voor het indienen van bezwaar en beroep tegen een bestuurlijke boete zijn in de Algemene wet bestuursrecht nauw omschreven. Als het bestuursorgaan zelf zich daar niet  aan houdt, kan dit aanleiding zijn tot betaling van betaling van een (gelimiteerde) dwangsom. Daarvoor moet degene die de boete is opgelegd de boeteoplegger wel in gebreke stellen.  

Het gebeurt vaker, dat de werkgever (erg) lang moet wachten op een reactie van het ministerie van SZW op het ingediend bezwaar tegen een opgelegde boete door het ministerie, in casu de minister of staatssecretaris, afhankelijk van de onderlinge taakverdeling. Ook in deze zaak heeft de werkgever bezwaar gemaakt tegen het (te) lang uitblijven van een beslissing (zie voor de termijnen art. 7:10 lid 1 en 3 Algemene wet bestuursrecht). Zowel op 30 april 2018 als 18 mei 2018 heeft de werkgever het  ministerie in gebreke gesteld wegens het uitblijven van een beslissing op het bezwaarschrift. Op 4 juli 2018 heeft het ministerie op deze ingebrekestelling beslist en zich op het standpunt gesteld dat het ministerie de maximale dwangsom van € 1.260,- heeft verbeurd. Dat bedrag is vervolgens uitgekeerd. De werkgever heeft op 31 juli 2018 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op haar bezwaarschrift. Het ministerie heeft op 10 augustus 2018 alsnog een reële beslissing genomen op het bezwaarschrift en dit bezwaar ongegrond verklaard. De werkgever heeft daartegen op 20 september 2018 beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep van 31 juli 2018, voor zover gericht tegen het uitblijven van de beslissing op het bezwaarschrift van 16 maart 2017, niet-ontvankelijk verklaard. De overweging is, dat het gebruik van het rechtsmiddel ‘beroep-niet-tijdig’ een processueel middel is om een verweerder te bewegen een besluit te nemen. In deze zaak was het ‘beroep-niet-tijdig’ gericht op het (op korte termijn) verkrijgen van een beslissing op het door de werkgever ingediende bezwaarschrift. De inspectie heeft, hangende het beroep alsnog een beslissing genomen op dit bezwaarschrift. Ook omdat de maximale dwangsom van € 1.260,- is verbeurd en dit bedrag inmiddels is uitgekeerd, heeft de werkgever gekregen waarom in die procedure is gevraagd. De werkgever heeft daarom geen procesbelang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het ingestelde ‘beroep-niet tijdig’. Kennelijk vindt de rechtbank dit voldoende afdoening en is het verder niet van belang, dat de werkgever lange tijd in onzekerheid blijft over de reactie op het ingediende bezwaarschrift. Het ministerie heeft in beginsel geen haast en kan het niet correct hanteren van de wettelijke termijnen afkopen met het bedrag van – zoals gezegd – maximaal € 1.260. Daarbij moet bedacht worden, dat het boetebedrag, doorgaans vele malen hoger - wel binnen zes weken na het opleggen wel door de werkgever moet zijn overgemaakt.

Wettelijk kader

Artikel 16, eerste lid en artikel 34, eerste lid Arbeidsomstandighedenwet
Artikel 7, vijfde lid, Arbeidsomstandighedenbesluit
Artikel 9.1 en 9.9b, eerste lid, onder g Arbeidsomstandighedenbesluit
Beleidsregel boeteoplegging Arbeidsomstandighedenwetgeving
Artikel 7:10 lid 1 en 3 Algemene wet bestuursrecht

Rechtbank Overijssel zp. Zwolle, 13 februari 2019, ECLI:NL:RBOVE:2019:496

Uitspraken Historie

Bron / Datum
Vindplaats
Onderwerp
Rb Oost-Brabant, 6 nov 2018 ECLI:NL:RBOBR:2018:5430 & 5429 Hoofd- en onderaannemer aansprakelijk voor dood werknemer
Ktr Maastricht, 15 nov 2018 ECLI:NL:RBLIM:2018:10774 C’est le ton qui fait la musique
Rb Zwolle, 10 sept 2018 ECLI:NL:RBOVE:2018:3253 Vrijspraak na dodelijk ongeval met trailer
Rb Zwolle, 28 mei 2018 ECLI:NL:RBOVE:2018:1816 Vrijspraak na dodelijk ongeval met shovel
RvS, 11 april 2018 ECLI:NL:RVS:2018:1222 Boete wegens valgevaar bij afbreken steiger
Rb Zwolle, 12 febr 2018 ECLI:NL:RBOVE:2018:409 Vingers in gehaktmachine: 100 uur taakstraf voor werkgever
Rb Rotterdam, 16 jan 2018 ECLI:NL:RBROT:2018:248 Trainingscentrum is geen werkgever van cursisten
Ktr Leeuwarden, 27 sept 2017 ECLI:NL:RBNNE:2017:3709 Geen ontslag ondanks ongepaste WhatsApp naar stagiaire
Rb Amsterdam, 19 sept 2017 ECLI:NL:RBAMS:2017:6795 Hoofdaannemer en steigerbouwer moeten bijdragen aan kosten ongeval
Ktr Den Bosch, 1 juni 2017 ECLI:NL:RBOBR:2017:3039 Onzekerheid ongevalsoorzaak komt niet ten laste van werknemer
HR, 2 juni 2017 ECLI:NL:HR:2017:987
(JAR 2017, 171)
Arbeidsinspectie heeft niet gefaald bij toezicht asbestwerkzaamheden
CvdRM, 30 mrt 2017 Oordeelnr. 2017-37 Discriminatie wegens zwangerschap
RB Breda, 12 jan 2017 ECLI:NL:RBZWB:2017:184 Afvalcontainer is een arbeidsmiddel.
GH Den Bosch, 01 dec 2017 ECLI:NL:GHSHE:2016:5341 Voorschrift niet concreet genoeg: ontslag teruggedraaid.
Ktr Rotterdam, 2 dec 2016 ECLI:NL:RBROT:2016:9265 Onrechtmatige daad bij graafwerk
Rb Arnhem, 22 dec 2016 ECLI:NL:RBGEL:2016:7014 Dodelijk ongeval door schoonmaken van draaiende machine
Rb Zwolle, 09 aug 2016 ECLI:NL:RBOVE:2016:3086 Matiging boete voor heftruckongeval
GH Amsterdam, 24 mei 2016 ECLI:NL:GHAMS:2016:2005 Kelderluikcriteria getoetst aan val uit ziekenhuisbed
Rb Den Haag, 25 mei 2016 ECLI:NL:RBDHA:2016:6124 Brand in de meterkast
Kr Roermond, 23 dec 2015 JAR 2016, 84 Bloedtest op werk in strijd met persoonlijke integriteit
Rb Den Bosch, 24 mrt 2016 ECLI:NL:RBOBR:2016:912 Gevallen van rijdende aanhanger
Rb Overijssel, 01 feb 2016 ECLI:NL:RBOVE:2016:384 Asbestzaak en feitelijk leiding geven
Hof Arnhem, 26 aug 2014 ECLI:NL:GHARL:2014:6672 Hoofdaannemer én onderaannemer aansprakelijk voor ongeval uitzendkracht
Ktr Arnhem, 31 aug 2015 ECLI:NL:RBGEL:2015:5786 Ongeval in rijdende ambulance
Rb Zeeland-West-Brabant,
20 apr 2015 en 13 mei 2015
ECLI:NL:RBZWB:2015:2952
ECLI:NL:RBZWB:2015:3493
Veiligheidszorgsysteem: VCA* of gelijkwaardig?
Rb Rotterdam, 17 juni 2015 ECLI:NL:RBROT:2015:5641 Scheepswerf niet aansprakelijk voor brand partyschip
Rb Breda, 6 nov 2014 ECLI:NL:RBZWB:2014:7762 Matiging boete wegens schending evenredigheidsbeginsel
Hof Den Bosch, 31 maart 2015 ECLI:NL:GHSHE:2015:1104 Geen antislipzolen in zwembad
Hof Arnhem, 11 feb 2014 ECLI:NL:GHARL:2014:956 Gevallen over stofzuigerslang
HR, 5 dec 2014 ECLI:NL:HR:2014:3519 Teen kwijt bij lossen vracht.
Rb Den Haag, 20 mei 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:1661 Werkgever niet aansprakelijk voor val over gemorste koffieglijpartij op gedweilde vloer.
Ktr Amersfoort, 25 juni 2014 ECLI:NL:RBMNE:2014:4759 Glijpartij op gedweilde vloer.
RvS, 15 okt 2014 ECLI:NL:RVS:2014:3713 V&G plan ontslaat uitvoerder niet van eigen verantwoordelijkheid.
Rb Den Haag, 16 mei 2014 ECLI:NL:RBDHA:2014:6050 Gevangenisstraf voor fraudeur VCA-certificaten.
Ktr Tilburg, 18 aug 2014 ECLI:NL:RBZWB:2014:5966 Gevallen valkenier
Hof Den Haag, 5 aug 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:2519;
JAR 2014/226
Inlenend bedrijf zelf aansprakelijk voor schade.
Hof Den Bosch, 3 juni 2014 ECLI:NL:GHSHE:2014:1634 Stommiteit is nog geen bewuste roekloosheid!
Hof Den Haag, 25 febr 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:1524 Uitsluiting aansprakelijkheid door terreinborden? 
RvS, 08 jan 2014 ECLI:NL:RVS:2014:2 Zaagmachine onvoldoende afgeschermd.
Rb Rotterdam, 29 sept 2013 ECLI:NL:RBROT:2013:5867 Niet waarschuwen maar opruimen! 
Hof Den Bosch, 10 sept 2013 ECLI:NL:GHSHE:2013:4196 Kind valt van Container.
Rb Den Haag, 03 mei 2013 ECLI:NL:RBDHA:2013:CA3806 Inspraak stoffenbeoordeling REACH. 
RvS, Bestuursr. 13 maart 2013 LJN: BZ4006 Werkgever blijft zelf verantwoordelijk voor de veiligheid
RvS, 30 jan 2013 LJN: BY9911 Lijn van valgordel ondeugdelijk bevestigd
Rb Breda, 21 dec 2012 LJN: BY7000 Veroordeling directeur Chemie-Pack
HR, 23-03-2012 LJN: BV0616:JAR 2012, 110
RvdW 2012, 447
Opdrachtgever aansprakelijk voor ongeval zzp-er
Rb Den Haag, 16 mei 2012 LJN: BW7278

Wegschietende spijker.

HR, 22 juni 2012 LJN BW0393

Einduitspraak in zaak NEN-normen

Rb Rotterdam, 19 jan 2012 Arboprof Ongeval door val van ladder
Rb Den Bosch, 22 dec 2011 LJN: BV0172 Buurtvereniging ten onrechte beboet voor ongeval vrijwilliger
Hof Den Bosch, 12 juli 2011

Prg 2011, 214;LJN BR1513;

JAR 2011, 243

Onveilige transportband
Hof Amsterdam, 29 maart 2011

JAR 2011, 148:LJN: BQ2718

Manege aansprakelijk voor letsel vrijwilligster
Rb Utrecht, 18 oktober 2010 LJN: BO1022 Coördinatie op bouwplaats onvoldoende
Rb Middelburg, 29 sept 2010 LJN: BO0460 Chauffeur vorkheftruck niet schuldig aan ongeval
RvS, 30 juni 2010 LJN BM9661 Boete onterecht aan werkgever opgelegd
Ktr Sittard-Geleen, 12 mei 2010 LJN BM7053 Veiligheidsregels hebben de hoogste prioriteit
Rb Utrecht, 25 april 2010 LJN BN2963 Opdrachtgever aansprakelijk voor ongeval
RvS,17 feb 2010 LJN BL4120 Werkgever beboet voor gebruik onveilig arbeidsmiddel
Rb Middelburg, 30 sept 2009 LJN BK0742 Fatale val van heftruck 
Ktr Deventer, 14 juli 2009 LJN BJ6959 Ontslag wegens negeren (werk)instructies
Hof Leeuwarden, 03 febr 2009 JAR 2009, 74 Ladder moet veilig zijn
Rb Leeuwarden, 02 okt 2008 LJN BF5065 Boete ondanks CE-markering
Rb Zwolle, 17 sept 2008 LJN BF0802 Hulpverlening onder de maat
Hof Leeuwarden, 14 mei 2008 LJN BD2312 Zorgplicht is meer dan naleven wettelijk voorschrift
Hof Leeuwarden, 10 okt 2007 LJN BB5470 Hof vindt 23 kilo zwaar genoeg
Kant.recht. Utrecht, 06 dec 2007 LJN BC0253 Veiligheidsvoorschriften gelden ook bij haastwerk
Rb Groningen, 25 okt 2007 LJN BB6505
LJN BB6506

Boetes wegens explosie bij onderhoudswerk

HR, 17 april 2007 LJN AZ6717

Werkgever aansprakelijk voor rugletsel

Rb Amsterdam, 30 mei 2007 LJN BA6285 Hoge boete wegens elektrocutie
Ktr Rotterdam, 05 dec 2006 LJN AZ4533

Bedrijf moet zich aan de eigen regels houden

HR, 31 maart 2006 LJN AU6092

Hoge Raad komt tot gedeelde aansprakelijkheid in asbestzaak.

Hof Arnhem, 27 juni 2006 JAR 2006, 209

Minder salaris na sportblessures

Rb Alkmaar, 12 juli 2006 LJN AY3785 Een wespennest
Rb Breda, 24 mei 2006

LJN: AX4375; AX4430

LJN: AX4365; AX4435

Veroordelingen in strafzaak rond steigerongeval Amercentrale
Hof Den Haag, 03 febr 2006 LJN AV4680 Ontslag wegens agressie op de werkvloer
RvS, 01 febr 2006 LJN AV0978 Voldoende BHV-ers moeten binnen twee minuten inzetbaar zijn
HR, 20 jan 2006 LJN AT6013 Werkgever aansprakelijkheid voor ongeval met gehuurde cementpomp

Rb Haarlem, 30 nov 2005

LJN AU7346 Boete voor gemeente na fatale brand mag van rechter
HR, 25 nov 2005 LJN AT8782

Nader onderzoek nodig voor antwoord op verjaring asbestzaak

HR, 11 nov 2005  JAR 2005, 287 Waarschuwing voor gevaar machine niet voldoende