Nieuwe Beleidsregels boeteoplegging

Op 1 januari 2013 zijn enkele artikelen in de Arbowetgeving gewijzigd

Bron

Auteur

Datum

:

:

:

Arbo

Rob Poort

2005  nr. 5

 

 

Op 1 januari zijn enkele artikelen in de Arbowetgeving gewijzigd. Ook de boeteregeling die de Inspectie SZW hanteert bij overtreding van een artikel uit de Arboregelgeving is ingrijpend gewijzigd. Onderstaand de hoofdpunten van deze nieuwe regeling.

 
1. Algemeen

 

Op 1 januari 2013 is de Beleidsregel 33 (verder: de oude beleidsregel) vervangen door de Beleidsregel Boeteoplegging Arbeidsomstandighedenwetgeving (Stcrt 2012, 24962), hierna de nieuwe regeling. In deze nieuwe beleidsregel zijn ook de wijzigingen verwerkt die het gevolg zijn van de Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-Wetgeving (Stb. 2012, 462). Eén van de onderdelen van dit aangescherpte beleid is verhoging van de boetenormbedragen.

 

De nieuwe beleidsregel maakt een betere indruk dan de oude. Zo is de beleidsregel niet meer voorzien van drie bijlagen maar blijft dit beperkt tot één tarieflijst. Die is dan wel weer voorzien van 157(!) voetnoten maar blijft desondanks helder. Kortom: de nieuwe regeling is qua leesbaarheid een aanmerkelijke verbetering ten opzichte van de oude beleidsregel 33. Dit ‘voordeel’ geldt niet voor de boetebedragen zelf: die zijn in de nieuwe beleidsregel fors hoger dan in de oude. Ook de verschillen tussen de bedragen onderling zijn groter geworden: de naasthogere boetecategorie betekent meteen ook een fikse verhoging.

 

2. Systeem van de boeteoplegging

 

Zoals gezegd zijn de boetenormbedragen aanzienlijk verhoogd. Bij recidive wordt de boete verdubbeld en bij ernstige overtredingen zelfs verdrievoudigd. Voor een aantal overtredingen is gekozen voor een hoger boetenormbedrag dan volgt uit de verdubbeling van de normbedragen die tot januari 2013 golden. Het gaat dan om overtredingen die tot die datum strafrechtelijk werden afgedaan en waarvoor nu een boete wordt opgelegd. Daarnaast volgt oplegging van het hoogst mogelijke boetebedrag voor het niet-gecertificeerd werken met of aan asbest. Dit vanwege de ernstige risico’s die kunnen ontstaan voor werknemers en omgeving bij het ondeskundig werken met asbest. Ook de eventuele blootstelling aan biologische agentia wordt strenger bestraft.

 

De boetebedragen van meerdere tegelijk geconstateerde overtredingen worden bij elkaar opgeteld met een maximum van drie overtredingen per keer.

 

In de bijlage bij de nieuwe beleidsregel is per artikel(lid) of onderdeel aangegeven waarvoor een boete kan worden opgelegd, om welk type overtreding het gaat en welk boetebedrag daarvoor geldt (zie verder onder 3, Soorten overtredingen).

 

2.1 Normbedragen

 

De normbedragen zijn aanmerkelijk verhoogd. Bij de berekening van de bestuurlijke boete gaat men uit van zeven categorieën normbedragen (dit waren er 10; zie tabel 1). Let wel: het gaat hier om normbedragen voor bedrijven met meer dan 500 werknemers.

 

Bij een zogenoemde zware overtreding wordt het normbedrag met twee vermenigvuldigd. De boete die per beschikking aan een werknemer kan worden opgelegd bedraagt maximaal 450 euro. In de Bijlage van de beleidsregel is een aparte kolom opgenomen met het opschrift Werknemersboete. Alle bepalingen waarvoor ook de werknemer verplicht is tot naleving staan daarin gemerkt met een asterisk (*) – overigens net als in de oude regeling.

 

Korting voor kleine bedrijven

 

Zoals hiervoor opgemerkt zijn de in de tabel genoemde bedragen normbedragen die gelden voor bedrijven met 500 of meer werknemers. Voor kleinere bedrijven wordt, net als in de oude regeling, een korting in mindering gebracht op basis van het aantal werkzame personeelsleden: zie tabel 2. Het zo gecorrigeerde bedrag is uitgangspunt voor de verdere berekening van de uiteindelijke boete. Voor de berekening van de bedrijfsgrootte wordt het aantal werknemers van de gehele juridische eenheid gehanteerd. Bij de inzet van vrijwilligers is het uitgangspunt het aantal vrijwilligers dat op het moment van de overtreding op de locatie werkzaam is. Voor bijvoorbeeld voetbalclubs of in de zorg kan dit van belang zijn.

 

Verhoging boetenormbedragen

 

Het boetebedrag wordt onder bepaalde omstandigheden verhoogd. Als sprake is van een arbeidsongeval met dodelijke afloop volgt vermenigvuldiging van het op bedrijfsgrootte gecorrigeerde bedrag met een factor 5. Bij blijvend letsel of ziekenhuisopname (op grond van artikel 9 Arbowet) met een factor 4. In geval van een Zware Overtreding is deze factor 2. Als meer dan tien respectievelijk meer dan vijftig werknemers aan een niet-administratieve overtreding zijn blootgesteld wordt het normbedrag vermenigvuldigd met anderhalf respectievelijk twee.

 

Verlaging boetebedragen

 

Net als in de oude regeling kan het boetebedrag worden verlaagd – of zelfs geheel worden kwijtgescholden. Als de risico’s van de werkzaamheden in kaart zijn gebracht en de nodige maatregelen zijn genomen, zodat een veilige werkwijze is ontwikkeld die voldoet aan de vereisten van de Arbowetgeving, volgt vermindering van het boetebedrag met 1/3. Als ook de nodige voorlichting en instructies zijn gegeven volgt verlaging van de boete met nogmaals 1/3 en als ten slotte ook voldoende en gericht toezicht is gehouden kan de boete geheel komen te vervallen. Let wel: de maatregelen zijn cumulatief, dus als aan de eerste voorwaarde (het hebben van een adequate RI&E) niet is voldaan, komen de andere voorwaarden niet meer aan de orde. Let op: het is aan de beboete werkgever om dit ook te bewijzen!

 

Nevenvestiging en bouwprojecten

 

Bij zelfstandig opererende nevenvestigingen van rechtspersonen wordt gehandeld alsof het afzonderlijke ondernemingen zijn, zo geeft artikel 1.13 van de regeling aan. Als een rechtspersoon langer dan zes aaneengesloten maanden op eenzelfde bouwlocatie werkzaamheden verricht, wordt die bouwlocatie als nevenvestiging gezien.

 

Het gaat hierbij vooral om de aanpak van recidive bij ondernemingen met meerdere vestigingen. Zo kunnen filialen van een uitzendorganisatie, een grootwinkelbedrijf, een bank,  enzovoorts zelfstandig opereren ten opzichte van de hoofdvestiging. Die nevenvestiging is als zodanig opgenomen in het register van de Kamer van Koophandel. De rechtspersoon (hoofdvestiging) wordt formeel aangesproken als overtreder, maar bij de bepaling of er sprake is van recidive kijkt men naar de nevenvestiging waar de overtreding heeft plaatsgevonden. Alleen als de overtreding zich herhaalt bij die nevenvestiging wordt het bedrijf geacht te recidiveren.

 

2.2 Niet melden ongeval

 

Het niet onverwijld melden van een arbeidsongeval (zie art. 9 Arbowet) waarbij het voor de inspectie niet meer mogelijk is onderzoek naar de toedracht te verrichten wordt bestraft met een boete van 50.000 euro. Nee, dit is geen typefout: er staat inderdaad vijftigduizend euro! Maar ook hier gaat het om een normbedrag. Het betreft dan een ongeval met dodelijke afloop; het uiteindelijke bedrag is mede-afhankelijk van de bedrijfsgrootte en ook van de mogelijkheid in hoeverre de inspectie SZW nog in staat was om de oorzaak van het ongeval te onderzoeken. Voor overtredingen waarbij arbeidsongevallen niet tijdig zijn gemeld, zonder dodelijke afloop en waar het nog wel mogelijk is voor de Inspectie SZW om nader onderzoek te doen, gelden lagere normbedragen, namelijk 4.500 of 1.500 euro, een en ander afhankelijk van de situatie. Uiteraard weer met de mogelijke verhoging of verlaging van het bedrag die de beleidsregel biedt.

 

3. Soorten overtredingen

 

De nieuwe beleidsregel kent drie soorten overtredingen. Daarbij zijn drie nieuwe termen geïntroduceerd: de Zware Overtreding (ZO), de Overtreding waarvoor Direct een Boete volgt  (ODB) en de Overige Overtredingen (OO). Er is ook nog een vierde soort overtreding: het niet melden van een arbeidsongeval, zoals bedoeld in artikel 9, eerste lid, Arbeidsomstandighedenwet. Het gaat dan om arbeidsongevallen die leiden tot de dood, blijvend letsel of ziekenhuisopname. 

 

3.1 De Zware Overtreding (ZO)

 

Een Zware Overtreding betreft werkzaamheden en situaties die doorgaans ernstig gevaar (kunnen) opleveren voor personen. Hieronder verstaan we dus zowel werknemers als derden – denk dan aan zzp’ers, bezoekers of stagiaires. Bij constatering van een dergelijke werkzaamheid of situatie zal in de meeste gevallen, naast het opleggen van een boeterapport, ook worden overgegaan tot het stilleggen van het werk wegens gevaar op grond van artikel 28 van de Arbowet. Opgemerkt wordt dat er uitsluitend sprake is van een Zware Overtreding als voldaan wordt aan de exacte omschrijving in de voetnoten.

 

Als de feiten die de inspecteur aantreft dezelfde zijn als omschreven in de voetnoot, is er sprake van een ‘heterdaad’. Dan zal de inspecteur het werk stilleggen en ook direct een boete aanzeggen. Als de inspecteur een situatie aantreft die naar zijn redelijk oordeel mogelijk kan leiden tot een ernstig gevaar, terwijl er op het moment van constateren geen werk plaatsvindt, dan is de inspecteur bevoegd (op grond van art. 28 Arbowet) te bevelen dat het werk pas weer mag worden begonnen als de het gevaar is weggenomen. Bij deze preventieve stillegging wordt geen boete aangezegd.

 

De opsomming van werkzaamheden waarbij Zware Overtreding staat aangegeven is niet limitatief. Dat wil zeggen dat ook andere overtredingen waarbij een potentieel ernstig gevaar wordt geconstateerd, mogelijk aan te merken zijn als een Zwarte Overtreding. Er is hierin dus sprake van een zekere beleidsvrijheid van de inspecteur.

 

3.2 Overtredingen waarvoor Direct een Boete volgt (ODB)

 

Een aantal overtredingen uit de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling worden niet tot de categorie Zware Overtredingen gerekend. Maar bij niet-naleving van deze artikelen kan toch een directe sanctie volgen en soms zullen ook (direct) maatregelen moeten worden getroffen. Het gaat om belangrijke overtredingen waarvoor het eerst geven van een waarschuwing of het eerst stellen van een eis als inadequaat wordt gezien. Het gaat dan om feiten met betrekking tot:

 Dergelijke overtredingen die enerzijds de onveiligheid van werknemers vergroten en anderzijds het werk van de Inspectie SZW ernstig belemmeren, leiden tot een directe correctie van werkgevers. In dergelijke situaties wordt direct overgegaan tot het aanzeggen van een boete.

 

3.3 Overige Overtredingen (OO)

 

De overtredingen die in de bijlage niet zijn benoemd als Zware Overtreding (ZO) of als Overtreding waarvoor Direct een Boete volgt (ODB) zijn te beschouwen als Overige Overtredingen (OO).

 

Tot besluit nog een paar voorbeelden:

 

Voorbeeld tarieflijst boeteoplegging

Artikel

Lid Onderdeel

Categorie

normbedrag

Werknemersboete Type overtreding
Arbowet  
11     2 * ZO (5)
13 1 t/m 3   3   OO
Arbobesluit  
1.36 1 en 2   2   OO
1.37 1   4   ODB (6)

5  De ZO luidt: Het niet of onjuist gebruiken van ter beschikking gestelde noodzakelijke beveiligingen of persoonlijke beschermingsmiddelen
    door een werknemer, waardoor ernstig gevaar bestaat voor de werknemer zelf of voor andere personen dan de werknemer.

6  De ODB luidt: Het ontbreken van adequaat deskundig toezicht op jeugdige werknemers.
*: Boete kan aan werknemer worden opgelegd.