Column

Hieronder kunt u de column lezen die door mij is geschreven voor Arbo Actueel en/of Arbo-online. Regelmatig zal deze pagina ververst worden met de meest recente column.

Deze column is geplaatst in Arbo Actueel 2019, nr. 17 en Arbo Online

Roestwerend

In 2014 ontstond enige ophef in de media toen bleek, dat een aantal defensiemedewerkers van de Propositioned Organizational Material Storage sites (POMS, destijds dienst doende als opslagdepots voor NAVO-materiaal) hadden gemeld, dat zij ziek waren geworden als gevolg van het gebruik van verf die chroom-6 bevatte. Dat werd gebruikt voor gevechtsvliegtuigen en tanks, met name om roestvorming tegen te gaan. De stof kwam vrij bij het afspuiten en schuren van oppervlakten die met deze verf waren bewerkt. Chroom-6 is schadelijk voor de gezondheid en kan leiden tot kanker. Later bleek, dat defensie al ruim 15 jaar rapporten had liggen over de aanwezigheid van deze giftige stoffen die vrijkwamen bij het onderhoud. De meldingen hadden uiteraard de volle aandacht en werden onderzocht. Ik dacht, dat het inmiddels in werkzaam Nederland genoegzaam bekend is, dat het hier om een zeer schadelijk stof gaat.

Groot was dan ook mijn verbazing bij het lezen van een bericht in september van dit jaar dus ruim vijf jaar na het POMS-verhaal - dat chroom-6 was gevonden in de verf van de tramstellen van de Regiotram Utrecht. Dat bleek uit een melding van de provincie Utrecht na een onderzoek. De provincie had in maart 2019 het onderhoudsbedrijf van de tram gevraagd, of er chroom-6 was gebruikt in de conserveringslaag op de tram. Het antwoord liet kennelijk even op zich wachten maar in augustus - dus pakweg 5 maanden later- kwam het verlossende antwoord. Dat was na diep zoeken in de productkrochten kennelijk gevonden. Daarnaast bleken er ook andere zware metalen zoals zink, koper en lood aanwezig te zijn in de conserveringslaag en de verflaag op de tram.

Het werk was meteen stilgelegd. En gelukkig, zo las ik in de Utrechtse Internet Courant, was er geen gevaar voor de reizigers, maar bestond er wel een risico voor de medewerkers van het onderhoudsbedrijf. De provincie dacht echter, dat bij het reinigen of preventieve of correctieve werkzaamheden aan de trams geen chroom-6 stof- of rookdeeltjes waren vrijgekomen. Want, zo werd ons geleerd, het risico voor de gezondheid is afhankelijk van meerdere aspecten, namelijk de concentratie in de verf, de blootstellingsduur, de frequentie waarmee de werkzaamheden zijn uitgevoerd. En ook van eventuele stofafzuiging en adembescherming tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden. Er was een presentatie gegeven aan de werknemers van het onderhoudsbedrijf en de daarop volgende periode kwamen er nog meer onderzoeken.

Dat hebben we vaker gehoord: meer onderzoek. Maar waarnaar eigenlijk? Sinds 2006 mag chroom-6 in Europa niet meer worden toegepast in nieuwe voertuigen en elektronische apparatuur. Ook zijn sommige kleurstoffen sinds 2015 verboden. En in 2017 werd het gebruik van chroom-6 verf in de Europese Unie verboden. Gebruik is sindsdien alleen nog toegestaan met een ontheffing. Maar het is natuurlijk jarenlang in verf toegepast wegens de voortreffelijke roestwerende kwaliteiten. En het is dan ook niet meer dan logisch, bij het opknappen van oudere installaties eerst eens na te gaan, of chroom-6 aanwezig is. Dat schijnt vrij eenvoudig te kunnen. Het ongewild aantreffen van chroom-6 bij een renovatieproject, met onnodige blootstelling van werknemers, kan zo worden voorkomen. Toch altijd beter dan genezen. Als dat al een optie is na onnodige blootstelling aan chroom -6.

 Rob Poort